Le coin du collectionneur

Onder de verzamelaars van Trappist items zijn de Orval verzamelaars toch wel de meest fanatieke. Dat vertaalt zich spijtig genoeg ook in de prijzen van zeldzame stukken. De mythe van Orval reikt dus verder dan het verhaal van prinses Mathilde en de forel. Een prachtige nieuwe website over Orval collectors items komt van Benjamin. De collectie is nog niet zo uitgebreid maar daar komt zeker verandering in. De website geeft in elk geval al een mooi overzicht van wat er zoal van Orval te vinden is. Neem eens een kijkje op Le coin des collectionneur !

o07

Tekst en foto : Danny van Tricht

Gepubliceerd in:  on 17/11/2009 at 01:07 Reactie (1)
Tags:

L’Ange Gardien Orval gaat verbouwen !

ag01De kogel is door de Trappistenkerk, de abdij-herberg van Orval zal in de komende maanden grondig verbouwd worden. L’Ange Gardien is een monument, letterlijk en figuurlijk, daarom moet ook de voorgevel overeind blijven staan wegens geklasseerd. De rest gaat echter onherroepelijk tegen de vlakte om plaats te maken voor een hypermodern complex met verschillende verdiepingen en lift. De meningen over deze drastische verbouwingen zijn verdeeld … feit is dat pas in de zomer van 2011 de nieuwbouw zal klaar zijn. Ondertussen moeten de Orval-liefhebbers uitwijken naar de horeca in de buurt …

ag02

Om één en ander door te spoelen trof ik gelukkig een paar leden van Les amis d’Orval op het terras van L’Ange Gardien … dit is mijn laatste gedegusteerde Orval op het terras van L’Ange Gardien in deze vorm. Het afscheid werd er een beetje door verzacht !

ag03

Gepubliceerd in:  on 28/09/2009 at 00:03 Laat een reactie achter
Tags:

Proeverij extreem oude Trappistbieren

24 april 2009 de Goede Vrijdag, Herselt

Een uitnodiging van ‘Trappistbier Beleven’

01

Als je zo een beetje rondstruint in de bierwereld krijg je op den duur wel wekelijks enkele uitnodigingen in de bus om her en der bier te gaan proeven. Wekelijks kan je, maar dat wist u al, honderden kilometers afleggen om nieuwe, exceptionele, unieke en andere bieren te gaan proeven. De enkele festivalletjes van jaren geleden zijn er ondertussen tientallen geworden.

Van oudsher bezochten we niet zoveel festivals. We hebben de neiging graag te drinken en dan te blijven hangen, en beide zijn een slechte combinatie voor zowel openbaar als privévervoer. Maar nu en dan trekt er toch een uitnodiging de aandacht, en achteraf bedenken we dan wel eens dat we ze beter niet lazen. Niet dat ’t slecht was er op in te gaan, wel integendeel, maar omdat we weten dat we eigenlijk voor het lezen al beslist hebben van er op in te gaan. Dat kan natuurlijk van de titel afhangen, maar evenzeer van de gastheer. Enfin, dit alles om maar te zeggen dat een uitnodiging van www.trappistbierbeleven.be voor ons een openstaande val is. (Maar dan in de positieve zin, natuurlijk!)

We leerden Danny Van Tricht enkele jaren geleden in het gezelschap van o.m. Chuck Cook kennen bij een bezoek aan Rochefort. U weet wel, één van die brouwerijen waar je absoluut niet binnen geraakt. Danny is de spreekwoordelijke uitzondering die de regel stelt. Het spreekt dan ook voor zich dat een uitnodiging voor een proeverij die door Danny op ’t getouw gezet wordt, hoge verwachtingen oproept. Of we dus zo goed wilden zijn in klein gezelschap het vege lijf naar Herselt te reppen om er extreem oude trappisten te proeven ? Zonder twijfel, Danny, en we brengen zelf ook wat lekkers mee!

Oude bekenden en nieuwe gezichten. Eén van die dingen die maken dat de bierliefhebberij blijft boeien is zonder twijfel het sociaal aspect. Ooit lazen we de spreuk die we tot onze ludieke slagzin maakten: “ ‘tPier en is voor de ghansen niet gemaect!” Het bier is er inderdaad door en voor mensen, en niets heerlijker dan met mensen keuvelen met en over een biertje. Ook zo de genodigden van Danny, deze avond, een heterogeen gezelschap van jong naar iets minder jong, van dame tot heer, van brouwer over uitgesproken liefhebber tot levensgenieters en gelegenheidsproevers. Is er een mooier schaar mogelijk om de oude heerlijkheden van onze trappistenpaters door ruiken en proeven en snuffelen en smakken om te zetten in woorden ? Zo troffen we, naast Danny en ondergetekende, Chuck Cook, Amerikaans bierjournalist die zich de laatste jaren eerder ontpopt als brouwerijreiziger. Chuck bezocht zo maar eventjes 91 van onze brouwerijen, en tegen dat hij volgende week terug naar huis vliegt, heeft hij weer enkele trofeeën extra. Carine,Danny, Guy en Isabelle vertegenwoordigden de ‘culinaire bierliefhebber-levensgenieter-blij met lekkers’- zijde van ons proefpanel. Aan de andere kant vonden we Steven Lintermans, uitgelezen bierliefhebber, André Van Gansen , sinds 25 jaar hobbybrouwer, en Jef Goetelen, welbekend Hofbrouwer. (Te zeggen, niet van Laken, natuurlijk!). We rekenen onszelf zeer bewust als een gulden middenweg tussen de twee groepen, enerzijds omdat we meteen opgevorderd werden tot het schrijven van de notulen van deze ‘tonzitting’, anderzijds omdat gemeenlijk bekend is dat bij het proeven van allerlei lekkers het bourgondisch deel van onze herseninhoud meermaals de overhand haalt op het objectief en sensorisch analiserende. Vandaar ook het eerder genoemde ‘blijven plakken’. Het was dan ook niet zonder bijbedoeling dat ik me naast Jef de Hofbrouwer installeerde.

groep1

Tussen proeven en ruiken, de oren gespitst !

Het gamma

In tegenstelling tot de bekende De Gamma, dewelke ons spijtig genoeg voor deze vermelding niet sponsort, willen we hier nadrukkelijk Het Gamma bespreken, met hoofdletter geschreven vanwege de door allen geprezen magistraliteit van de inhoud. Zoals de uitnodiging ons terecht deed vermoeden was het meteen raak: oudste te proeven bier: omstreeks 1980, jongste: omstreeks 2001! Sta ons toe nadrukkelijk te stellen dat door de jaren heen een eerder voorzichtige benadering van ‘oude bieren’ ons deel is geworden. Alhoewel meermaals zeer interessant moet men durven stellen dat de grote meerderheid van de bieren niet gemaakt is om decennia te overspannen. Op uitzonderingen na denken we dat vier- vijf jaar voor een beperkt aantal uitmuntende bieren meer dan genoeg is. Daarna volgt onherroepelijk oxydatie en afbraak, en hoe dan ook, dat was en is nooit de bedoeling van de brouwer geweest. Ondanks deze bijbedenking, die door een aantal liefhebbers allicht gecontesteerd zal worden – het weze hun goed recht – is ondergetekende steeds graag bereid de lippen aan zo’n glaasje antiek te zetten, al is het maar omdat een aantal typische aroma’s en smaken nu eenmaal niet in jongere bieren terug te vinden zijn.

We proefden Westmalle Dubbel en Tripel, Sixtus (Watou), Sixtus Westvleteren 12, Blauwe Chimay, Petit Orval en Orval en , buiten categorie, La Trappe.

image00441De proeverij

We zijn ons bewust van onze technische beperkingen op het vlak van proeven. Het is en blijft een leerproces waarbij ondergetekende ook nu weer moet toegeven nog veel te leren te hebben. Om goed te zijn zouden we dus nog eens moeten samenkomen om de verschillende notities tegen elkaar af te wegen om een omvattende analyse te maken.We laten natuurlijk graag aan de gastheer het voorrecht om dit in overleg met de andere aanwezigen alsnog te doen. Bij het schrijven van dit ‘verslag’ moeten we dus beroep doen op onze eigen gefractioneerde waarnemingen en beogen verre van de absolute juistheid neer te schrijven. Hierbij toch een poging waarbij, zoals zelfs de niet – oplettende lezer zal kunnen vaststellen, we soms toch echte verwondering niet konden onderdrukken! Gelieve, goede lezer, lieve lezeres, nota te nemen van het feit dat omwille van diverse redenen de gebruikte jaartallen soms benaderend zijn, en dat de conditionering verliep van 33cl tot 75 cl. Over het schuim hebben we het meestal niet, omdat het weg was voor dat het glas ons bereikte. Trek daar dus niet de conclusie uit dat er geen was, maar minstens dat het snel inzakte en meestal zonder sporen na te laten. Ook de koolzuurverzadiging laten we verder onbesproken, doorgaans was ze zwak tot helemaal onbestaande. Tot slot zijn onze zintuigen niet anders dan van de meeste mensen, en beginnen ze na vijf – zes bieren duidelijke tekenen van vermoeidheid te tonen. U zal het aan de bespreking kunnen merken wanneer ze in het later verloop van de proeverij toch nog wakker geschud werden. Daarenboven, maar dat hoeft geen nadeel te zijn, kenden we natuurlijk ook de voorgeschiedenis van de meeste bieren niet, meestal vondelingskes uit diepe stille kelderkrochten…

Petit Orval 1983

De Petit Orval is het bier dat de paters voor zichzelf brouwen. Enkele bakken geraakten ter abdij in de vergetelheid en werden leeggegoten, Redder Danny kon er (gelukkig) enkele veilig stellen. We vonden onmiddellijk een oude bekende zowel in aroma als deels in de smaak: wat stof en nat karton.Ergens vingen we een streepje groene appel ,maar waar iedereen het over eens was: droog,droog,droog. Een tikje zurigheid maar niet de zuurte van ‘slecht’ bier, maar van de restwerking van Frank Boons’ hartedief: de Brettanomyces. Het was ook Frank Boon die ons toen vertelde dat er in Orval een belangrijke rol is weggelegd voor de wilde Brettanomyces gist. En dat die langzaam maar zeker zijn werk voortzet en niet stopt voordat hij alle suikers tot de zijne gemaakt heeft. Een uitgesproken lambiktoets was vanaf het openen van de flessen ons deel: ronduit schitterend! Bij verdere opwarming staken dan uiteraard een aantal mindere aroma’s de kop op, maar dat kon de verwondering al niet meer dempen!

orval83

Orval 2003

Duidelijk nog Orval met de bekende hoppigheid. In de geur dachten we banaan en peer terug te vinden en tevens al wat nat karton. Duidelijk aan zijn overgang bezig, deze Orval. Bitter speelde hier nog steeds de hoofdrol, maar ietwat zuurte kwam ontegensprekelijk al opzetten?

Orval 1983

Quasi onmiddellijk naast de vorige geplaatst om toch iets van vergelijking te kunnen maken. Het zurige aspect overheerste de bitterheid en ging eerder naar wrangheid en adstringentie. Nochtans niet direct onaangenaam. In tegenstelling tot onze eerste was dit bier aan oxydatie onderhevig.

orval83_1

Westmalle dubbel 1980

Porto! Ietwat afkerig tegen de smaak van porto sinds het onoordeelkundig nuttigen van een op een studentenbal gewonnen fles, herontdekten we deze smaak jaren later en bezadigder als merkwaardig fenomeen van tal van ‘mooi’ verouderde donkere bieren. Dit was hier zeker het geval. Naast het onvermijdelijke stof toch nog heel proefbaar zoetig-bitter met cacao en caramel en/of zoethout.

westmalle81

westmalle801

Sixtus Prior 1989

Nog gebrouwen door St.Bernardus in Watou was dit toch ook één van de zeer interessante bieren van de avond. Behoorlijk complex (nog steeds), want ook hier portorisatie, maar met misschien wat minder aangename toetsen zoals een salamigeur bij het walsen en na opwarming wat verbrande rubber. In de smaak moutig en bitterzoet met een langere nabitter. Hoe dan ook geoxydeerd maar verrassend en niet (geheel) onaangenaam.

Blauwe Chimay 1988 Grand Réserve (75cl)

Ook deze ‘Blauwe’ had (uiteraard) wat van oxydatie te lijden. Tevens had de kurk zijn smaakje nagelaten. Toch viel ons hier onmiddellijk ook de portosmaak en vooral de alcoholwarmte op, die er allicht mee voor zorgde dat de zoetig – bitterige smaak lang uitliep.

Westmalle Tripel 1980

Vooreest mag opgemerkt worden dat onze gastheer in deze lading het originele prijsetiketje terugvond. 27,50 Fr. Voor een bak van dit allerheerlijkste vocht, anno 1980 ! En of dat de tijden toen beter waren! Spijtig genoeg waren voor dit bier de tijden ook niet meer wat ze geweest zijn. Nadrukkelijk nat karton en stof met een eerder wrange smaak. Wel opvallend was de kleurverandering van eerder strogeel naar goudgeel of geel koper, bijna op het ambere af, zo u wil.

Westmalle Tripel 1988

Nadrukkelijk geoxydeerd, maar in tegenstelling tot zijn oudere confrater duidelijk alcohol warm en romiger-zoetiger van indruk. Ook hier weer de kleur veel donkerder geel als oorspronkelijk, maar, zoals alle voorgangers trouwens, verrassend helder!

Sixtus Westvleteren 12 2001

Hoewel de jongste telg van ons gamma, had deze Westvleteren al duidelijk ouderdomskwaaltjes. Naast een voor de hand liggende oxydatie toch nog moutig en zoet-bitter. Hier wel opvallend diacetyl in de neus vooral met een geur van karnemelk. Van de geproefde bieren was dit de enige die met een redelijke schuimkraag tot bij ons geraakte.

Sixtus Westvleteren 12 1990

Zonder twijfel een openbaring. Mondgevoel troef! Naast papier en karton ook hier een rubberachtige gewaarwording in de geur. Maar de smaak, mensen, mensen! Met dit bier krijg je een Mount Everestbeklimmer terug opgewarmd! Onwaarschijnlijke alcoholwarmte gepaard met een moutige zoetigheid die ons eerder aan siroop deed denken dan aan bier. Van oxydatie geen sprake, maar daarentegen een prachtige portorisatie. Als ‘uitsmijter’ kon dit tellen, maar of je nu je bak Westvleteren twintig jaar moet laten staan om dit te bereiken is dan natuurlijk weer zeer de vraag. Al bij al waren de proevers het er zonder onderscheid over eens dat deze proeverij zonder meer indrukwekend was. Eens te meer viel ook op dat de meeste van deze bieren zeer snel een vol gevoel geven en dat je zonder twijfel een flesje door drie kan delen, anders wordt het echt puffen.

westvleteren921

“Buiten competitie”

Wie had gehoopt al naar huis te kunnen zat er grondig naast. Niet dat iemand ook maar op ’t idee zou gekomen zijn. Danny had immers aangekondigd nog enkele ‘speciallekes’ op ’t programma te hebben.

Stoofbier 8 en 12 Sixtus Westvleteren.

Stoofbier is het laatste dat bij het afvullen in de tanks blijft zitten. Uniek omwille van het feit dat het niet te koop is. Uniek omwille van het feit dat het wel eens meegegeven wordt aan mensen uit de streek om ‘stoverij’ mee te maken. (Vandaar ook de naam) Uniek omdat onze gastheer er toch weeral was aan geraakt  én uniek omdat met de vernieuwde afvulinstallatie dit bier spoedig tot het verleden zal gaan behoren. We onthouden hier de veel nadrukkelijker smaakelementen, vooral het bitter van de gist.

La Trappe Quadrupel ‘eik’

Als sluitstuk had Danny een wereldprimeur voor te stellen. De schittering in zijn ogen verried al één en ander maar we moesten toch wachten op ons glas voor de absolute verrassing van de avond. Immers, pas deze namiddag had hij met Chuck brouwerij La Trappe bezocht en de brouwmeester, Lodewijk  Swinkels, een fles van zijn nieuwe bier ontfutseld. Deze nieuwe La Trappe Quadrupel zal hoe dan ook niet gecommercialiseerd worden en alleen te proeven zijn in het proeflokaal van de brouwerij. Dit zou dus de eerste (en enige?) fles zijn die de ingetogenheid van de abdij verlaat. Deze Quadrupel onderscheidt zich van de andere door een lagering van niet minder dan negen maanden op (nieuwe) eiken vaten. Het resultaat sloeg iedereen met verstomming: zoet-bitter, zeer complex, maar met een uitgesproken, zelfs overweldigende, geur en smaak van vanille ! Een bier om lyrisch van te worden, als je tenminste de fles deelt met meer dan een handvol proefgenoten, want anders kan men je geheid naar huis rollen! (NVR : dit bier is nu nog niet verkrijgbaar in de abdij, over dit bier hoor je later nog meer op Trappistbier Beleven !)

Wereldprimeur !

Wereldprimeur !

Natafelen

Als opkikkertje werd ons nog een lekkernij vanwege de waard aangeboden. De kastelein van de Goede Vrijdag trakteerde ons nog op een boterham met balletjes in een Westmallesaus. Of hebben we de volgorde fout? Alleszins een uitermate hartige hap, die met een fris glas bier van onze proefkompaan Jef den Hofbrouwer met smaak verorberd werd. Na nog wat natafelen, wat gaat de tijd in die gastvrije Kempen toch altijd snel!, was het afscheid er sneller dan verwacht, en na zo’n geur – en smaakorgie viel ons dat wel zwaar.

De kilometers die ons van ’t Stadje scheidden gaven ons de gelegenheid een massa indrukken nog eens te laten passeren. Zonder afstand te doen van ons ‘standpunt’ over oude bieren hebben we hier toch een aantal uitgesproken unieke gewaarwordingen beleefd. Bovendien leerden we een groep biergeestdriftige (en dus?) gezellige Kempenaars kennen die ons het gevoel gaven dat de afstand Antwerpen-Herselt niet zo groot is als de kilometerteller zou doen veronderstellen.

Bedankt vrienden, bedankt Goede collega van de Goede Vrijdag, bedankt Danny Van Tricht !

Tekst : Hans Bombeke (Docent ‘Bierkennis’ PCVOA en Voorzitter Antwerps BierCollege)

Foto’s : Chuck Cook & Danny Van Tricht

Verzamelaarsgilde La Trappe

De Abdij van de Koningshoeven, ook wel De Schaapskooi of kortweg La Trappe genoemd heeft een lange en bewogen geschiedenis. Er wordt al van in de 19de eeuw bier gebrouwen en er zijn dan ook ontelbare glazen, reklames, bierpotten enz. te verzamelen. Om ergens een overzicht te krijgen heeft Wim Grem uit Tilburg de La Trappe Verzamelaarsgilde boven de doopvont gehouden. Op de website latrappe.eu krijg je een overzicht van bekende verzamelobjecten.

La Trappe glazen (Collectie DVT)

La Trappe glazen (Collectie DVT)

Tekst en fotos : Danny Van Tricht

Gepubliceerd in:  on 30/03/2009 at 05:06 Laat een reactie achter
Tags: ,

Chimay bedrijfsfilms uit de oude doos

Ik heb de doos nog eens afgestoft en deze twee oude bedrijfsfilms van Chimay gevonden. Wijlen Père Thomas en Père Theodore spelen de hoofdrol in de film over de brouwerij. In de film over de kaasmakerij zijn er andere hoofdrolspelers …  Aan de bieren en de kazen is nog niets veranderd, Père Thomas is in 2000 overleden, Père Theodore in 2002.

De brouwerij

De film over de kaasmakerij is hier te bekijken : Fromages de Chimay

Gepubliceerd in:  on 12/03/2009 at 06:16 Reactie (1)
Tags: ,

Orval … wat vertelt het etiket ?

Orval minstens 25 jaar oud

Orval minstens 25 jaar oud

Toevallig via een vriend een paar erg oude en nog volle flesjes Orval op de kop getikt. En dan kan ik mijn gezonde nieuwsgierigheid moeilijk onder controle houden en ga ik op speurtocht naar de ouderdom. En aan wie kan ik het beter vragen dan aan Mr. de Harenne, commercieel directeur van de Brasserie d’Orval ?

Dit is zijn antwoord :

Beste Danny,

Sedert 1983 erkent U onze etiketten door wat ik hun « armen » noem. Vroeger waren de etiketten van Orval ruitvormig zonder meer. De “armen” werden in 1982-83 met de aankomst van een nieuwe bottelinginstallatie voorzien om plaats te geven aan verschillende noodzakelijke of verplichte vermeldingen (alcoholgehalte, houdbaarheidsdatum, barcode…). Sinds dat moment kon U een datum lezen : 120590 meende dat het bier “ten minste houdbaar was tot” 12 mei 1990, m.a.w. dat het gebotteld was op 12 mei 1985. Met de nieuwe etiketteringuitrusting van 2002 drukken wij twee data : dag van botteling en “best before day”.
Vroeger bestond er geen mogelijkheid om op de etiketten de dag van het bottelen een stempel te drukken.
Vóór 1983 voorzag zich de brouwerij jaar na jaar met voorgedrukte etiketten, die twee reeksen cijfers droegen : Romeinse cijfers aan de ene kant en Arabische cijfers aan de andere kant. Het labo hield een register bij van het bottelen. In de bottelarij gebruikten zij een etiket per dag en met de hulp van het register, konden zij in het labo na het lezen van een etiket de bottelingdatum terugvinden. Het was niet leesbaar voor degenen die geen toegang hadden tot het register.
Van jaar tot jaar hadden zij de Romeinse cijfers links en de Arabische cijfers rechts en omgekeerd.

Met vriendelijke groeten.

François de Harenne

Orval anno 2008

Orval anno 2008

De 25 jaar oude Orval wordt hier binnenkort aan een nader onderzoek onderworpen door select gezelschap … voor de wetenschap durven we ons nog wel eens opofferen ! Een verslag van deze proeverij zal je hier zeker kunnen lezen !

Foto’s : Danny Van Tricht

Tekst : Mr. de Harenne Brasserie d’Orval

Gepubliceerd in:  on 08/03/2009 at 05:35 Laat een reactie achter
Tags: ,

Westvleteren bouwproject

Foto: De Morgen

Foto: De Morgen

Ondertussen zijn in de St. Sixtus  abdij de bouwwerken voor de nieuwbouw van start gegaan. De broeders Trappisten geven graag een inkijkje op hoe de werken vorderen : bekijk HIER de website met up to date foto’s.

St. Sixtus Abdij Westvleteren

St. Sixtus Abdij Westvleteren

Tekst en foto’s : Danny Van Tricht

Gepubliceerd in:  on 24/02/2009 at 00:53 Reactie (1)
Tags:

Verzamelwoede

Trappist gerelateerde objecten (glazen, reklames, bierviltjes etc) zijn gegeerde verzamelobjecten. De mystiek die er rond hangt en de rijke geschiedenis zullen wel hun steentje bijdragen tot dit succes.

Cyril Pagniez

Cyril Pagniez

De grootste verzameling is zonder twijfel in het bezit van Cyril Pagniez uit het noord Franse Douai. Cyril verzamelt al bijna 20 jaar alles wat met Trappist te maken heeft. Op zijn website “Bières et moines Trappistes” kan je zijn verzameling bewonderen.

In de lage landen mag ik bescheiden zeggen over de grootste verzameling te bezitten? Ik focus vooral op Trappist glazen maar door de jaren heen zijn er toch ook een paar oude reklameborden bijgekomen. De zopas herwerkte website trappistbier.be is ondertussen zowat de referentie geworden op het net (Google maar eens naar ‘trappist’). De verzameling bestaat uit ongeveer 300 verschillende glazen daterend van de jaren ‘30 uit vorige eeuw tot op heden.

Westmalle emaille fluit jaren '30 (collectie DVT)

Westmalle emaille fluit jaren '30 (collectie DVT)

Tekst en fotos : Danny Van Tricht

Gepubliceerd in:  on 17/02/2009 at 05:45 Laat een reactie achter
Tags:

Tour des Trappistes

George Nelis, het zegt u waarschijnlijk niets. Tot een paar weken geleden mij trouwens ook niet. Tot ik in mijn mailbox een berichtje vond met zijn verhaal … en het mooiste aan zijn verhaal is dat George het wil delen met Trappistbier Beleven … want dat is net wat George ten volle uit doet ! De volgende maanden krijgen we een kijkje in zijn dagboek … nieuwsgierig geworden ?  Hier is deel één !

Danny Van Tricht

Tour des Trappistes (Inleiding)

Begin jaren ’80 was het. Ik ontmoette m’n toen nog vriendin en nu m’n vrouw Corine. De provincie Brabant had echter nog meer ontdekkingen voor me in petto. Met haar en m’n aanstaande zwager Bas togen we naar Valkenswaard, waar we, gezeten op een van de vele terrassen die de Markt aldaar overzien, wat te drinken namen. En wat bleek ? Er was meer tussen hemel en aarde dan pils en niet alle bier was blond ! Er was stoer donker bier. Met meer smaak, meer geur en meer pit ! Bier dat je met nèt even meer respect mocht drinken. Joepie !

Westmalle Tripel

Westmalle Tripel

Enkele weken later waande ik me aan de poort van het Nirwana toen ik, dit keer met m’n schoonma en –pa op een feest, m’n eerste Westmalle proefde, de tripel. Was dit van menselijke hand ? Ergens te koop wellicht ?

Mijn liefde voor Belgisch bier was gewekt. Mijn gevoel hierbij was alsof ik een stukje onontdekte ik had gevonden, welke ik warm omarmde, als een verloren zoon. Een verwarrende periode ook. Want waarom was deze schat zo lang verborgen gebleven ? Was ik ziende blind geweest ? Kon ik de “schade” nog inhalen ?

Wonend in het knusse Maaskantje, onder de rook van het gemoedelijke ’s Hertogenbosch, toog ik vervolgens enkele malen per jaar naar het zuiden, naar de abdij van Achel, alwaar het winkeltje een ware schatkamer bleek. Niet alleen vanwege het bierparadijs waarin ik me waande, slalommend tussen de kratten, en links en rechts genietend kijkend, als in een museum. Maar ook vanwege de intrigerende rust die van de broeder achter de kassa uitging. Wat waren dat voor mensen ? Ja, monniken, maar wat doen die de hele dag en waarom hebben zij voor hun roeping gekozen ?

De Achelse Kluis

De Achelse Kluis

Een ook elke keer terugkomende vraag was meer aards : welke bieren zou ik deze keer meenemen ? Neem ik bieren die ik ken en lekker vind of ga ik voor het onbekende ? Gouden Carolus, hoe zou die smaken ? Hé, Chimay heeft ook een tripel ! Ook maar weer gewoon een krat Westmalle tripel ? Of ? Hé ?! Wat is dat ? Saison ? Met m’n karretje volgeladen verscheen ik dan bij de kassa, blij als een kind. Wat er op de kassabon kwam te staan, zag ik al niet meer. Evenmin de vonkenregen achter me, vanwege een over de weg schurende uitlaat.

Met schoonvader Jan en zwager Jos werd een wandeling georganiseerd, meerdaags, in de buurt van Rochefort. Uren soppen door de woeste loofbossen, vanaf Houyet. Door en door nat, versteend tot op het bot bijkomen in een café in Han-sur-Lesse, met een hartverwarmende Rochefort 8. Mooie verhalen, als mannen onder elkaar. Dankbare momenten. De een-na-laatste bus die ons naar Rochefort kon brengen, ging zonder ons, op een been kan je slechts hinkelen tenslotte !

De bron die water levert voor Rochefort Trappist

De bron die water levert voor Rochefort Trappist

De volgende ochtend door de vrieskou wandelend naar Chevetogne, om aldaar een Grieks-orthodoxe mis bij te wonen. Als lunch truites aux amandes. Geestelijke en aardse voeding gingen hand in hand en vormden een perfecte match. Vele wandelingen volgden, altijd ergens in de Ardennen, altijd inmiddels gevieren : Jan, m’n schoonvader, en Jos en Bas, m’n zwagers. Een perfect quartet. En immer putten we de wandelingen uit het ruime Grandes Randonnées-aanbod, zoals van Beffe naar Houffalize via de GR 57, van Diekirch naar Ouren, via de GR 5-E2 en van Bra naar Remouchamps, via de GR 578. Mooie wandelingen, kostbare herinneringen en nog immer dankbaar dat ik zo’n schoonvader en zulke zwagers heb mogen ontmoeten.

Eind 2006 is vervolgens als door een goddelijke ingeving het idee geboren om al m’n voorliefdes voor België te combineren : wandelen, lekker eten, een mooi glas bier en de inspirerende Trappistenkloosters. Ik zou de nog brouwende abdijen in Westmalle, Berkel-Enschot, Achel, Rochefort, Orval, Chimay en Westvleteren aan elkaar gaan lopen. Een tocht waarbij ik de diverse Grote Routepaden en Grande Randonnées als leidraad zou gebruiken, bij voorkeur overnachtend bij mensen thuis, chambres d’hôtes danwel gastenkamers. Een tocht van vele honderden kilometers, uit te smeren over meerdere jaren. Mijn Tour des Trappistes. (wordt vervolgd)

George Nelis en zijn medestappers

George Nelis en zijn medestappers

Tekst en foto : George Nelis

Foto’s : Danny Van Tricht

Gepubliceerd in:  on 18/01/2009 at 18:38 Reacties (2)
Tags: ,

La nouvelle Café Trappisten est arrivée

Het vriest de stenen uit de grond als we Café Trappisten in Westmalle binnenstappen op de tweede dag van het prille jaar. De zaak zit nokvol Trappistliefhebbers, het is zoeken naar een plaatsje.  Eens gezeten kiezen we voor kaaskroketten met Westmalle kaas. Als drankje een “Trip-Trap”, uniek  te verkrijgen in Café Trappisten. Een “Trip-Trap” is een halve Dubbel van’t vat bijgevuld met een Tripel (let op de volgorde !). Het resultaat is een donker amberkleurige blend met een spierwitte schuimkraag die de zoetheid van de Dubbel laat verdrinken in de bitterheid van de Tripel. In combinatie met de kraaskroketten is dit genieten … als toetje kiezen we beiden voor een vanille-ijsje met in Tripel gelegen boerejongens en caramel van Dubbel. De WODCA controles indachtig beschouwen we dit als voldaan !

Restyled glas Café Trappisten

Restyled glas Café Trappisten

Het nieuwe Café Trappisten is niet alleen een volledig nieuw gebouw, zowat alles is “gerestyled”, van de servetten tot de glazen toe. Er zullen voor – en tegenstanders zijn of het vroeger al dan niet beter was … wij vinden het in elk geval een geslaagde transformatie in stijl. De parking moet nog aangelegd worden maar dat is een te verwaarlozen detail. Je kan het hele verhaal van de sloop tot de bouw van het nieuwe café rustig doornemen in een ter plaatse aangeboden foldertje.

Folder Café Trappisten

Folder Café Trappisten

Tekst en foto’s Danny Van Tricht

Orval Collectioneurs

Waar je als bierliefhebber “pursang” misschien niet bij stil staat is de verscheidenheid aan glazen en reklames. Er bestaat dan ook een erg levendige verzamelwoede van brouwerij-artikelen. Orval is daarvan één van de meest gegeerde brouwerijen. Sommige Orval verzamelaars verenigen zich zelfs om hun hobby te beleven. Een erg complete website is Le coin des collectioneurs.

orvalcollectionneurs

Ook de moeite is de vereniging en website Autour du Calice.

orvalcalice

De vele Orval verzamelaars zorgen er wel voor dat voor zeldzame stukken op de veilingsites astronomische prijzen worden geboden. Wat dacht je van deze “witte” Orval ?

Zeldzaam witte emaille Orval glas

Zeldzaam witte emaille Orval glas

Tekst en foto’s : Danny van Tricht

Gepubliceerd in:  on 03/01/2009 at 05:25 Laat een reactie achter
Tags:

Mijn eerste Trappist

Mijn eerste kennismaking met Trappist Westvleteren

Westvleteren "12"

Westvleteren

Heel jong, laten we zeggen eind jaren 50, werd ik regelmatig geconfronteerd met het trappistenbier van Westvleteren. Niet dat het me toen al doordrong wat de juiste betekenis van trappistenbier was, laat staan hoe het smaakte. Maar mijn vader en oom maakten jaarlijks gebruik om bier te gaan halen bij de Paters, want zo werden de Trappisten van Westvleteren in de volksmond nog genoemd. Wij hadden toen nog geen auto maar mijn oom kon zich toen al een Citroën DS -ook het strijkijzer of de mossel genoemd door zijn heel speciale vorm die revolutionair was voor die tijd- veroorloven. Het was een luxeauto met een heel grote koffer, ideaal voor 10 bakjes (het maximum in die tijd die u mocht kopen) trappistenbier in te laden.

Abdij Westvleteren

Abdij Westvleteren

Weken voordien hadden ze iedereen persoonlijk verwittigd dat ze die dag naar Westvleteren zouden gaan. Dus.. wie een kratje wilde moest het maar zeggen en ze brachten het mee.
Voor hen was bier gaan halen bij de Paters een jaarlijkse traditie, een soort missie voor de familie en vrienden die nog niet over een auto beschikten. Een trappistenbelevenis. Zeg maar een soort bedevaart. Hun bedevaart.
Toen stonden nog geen lange rijen in de Donkerstraat. Er kon vlot zonder afspraak in het magazijn van de abdij binnen gereden worden. Zelfs “ne Westvleteren” proeven met de monnik van dienst was de normaalste zaak van de wereld. Tijd zat. Toen de bakken met meestal gele kroonkurken (12°) ingeladen waren, was er nog tijd om twee van de lichamelijke werken van Barmhartigheid uit te voeren nl : hongerige spijzigen en dorstige laven. Dit gebeurde in café “De Vrede” (Vroeger nog een 100 meter van de abdij verwijderd). Het was een soort veranda met een aanpalend winkeltje. Totaal ongezellig maar iedereen wou er zijn want slechts hier kon je de verschillende trappisten proeven met een schelle paterskaas of paté. In de namiddag begon dan hun echte opdracht. Het bier thuis bezorgen. Laten we zeggen nog een derde werk van Barmhartigheid “De Zieken (van dorst) bezoeken”. Hun missie was maar volbracht als alle bakken netjes aan hun klanten afgeleverd waren. Om overtuigd te zijn dat ze wel het juiste trappistenbier bezorgden, werd er toch voor alle zekerheid op alle plaatsen eentje geproefd. Thuis gekomen beschikten ze over voldoende gespreksonderwerpen (in hoeverre ze nog verstaanbaar waren) maar jammer genoeg soms niet meer over een kratje Patersbier voor eigen gebruik.
Voor alle duidelijkheid nog bij vermelden : alcoholcontroles en Ratebeer bestonden toen nog niet.

Waarom moesten die twee nu roet in het Trappistenbier gooien ?

Een glas puur genot ...

Een glas puur genot ...

Tekst & foto’s : William Roelens (blog : De Belgische Biercultuur)

Gepubliceerd in:  on 15/11/2008 at 06:34 Laat een reactie achter
Tags: ,

Westmalle Extra Gersten

Vooroorlogs glas Extra Gersten

Vooroorlogs glas Extra Gersten

Een vleugje nostalgie … de Extra Gersten is één van de eerste bieren die in de Abdij van Westmalle gebrouwen werd. Later werd dit de Extra, het zogenaamde tafelbier van Westmalle. Nu ja tafelbier, de Extra heeft een alcohol percentage van 4,8% vol. alc. wat hem meer bij de pilsbieren doet aanleunen. Extra wordt maar twee keer per jaar gebrouwen en uitsluitend in het klooster gedronken door de monnikken en door de gasten in het gastenhuis.

Jan Adriaensen van Westmalle schenkt een Extra

Jan Adriaensen van Westmalle schenkt een Extra

Er was nooit een echt etiket voor de huidige Extra. Dat is nu recentelijk opgelost met dit nieuwe etiket dat eerder aan een Bruine doet denken dan aan een Blondje … Alle wettelijke verplichtingen staan dus vanaf nu ook op de fles.

Nieuw etiket Extra

Nieuw etiket Extra

Danny Van Tricht

Gepubliceerd in:  on 10/10/2008 at 00:08 Reacties (2)
Tags: , , ,

Café Trappisten Westmalle sluit de deuren …

Chuck Cook)

Café Trappisten (foto: Chuck Cook)

Een monument … een andere beschrijving kan ik niet bedenken voor Café Trappisten langs de Antwerpse steenweg in Westmalle, recht tegenover de al even monumentale toegangsdreef naar de abdij. De café (sinds 1923), tot 1971 zelfs pension, gaat op 5 oktober 2008 onherroepelijk dicht. Het gebouw is tot op de draad versleten en restauratie zou meer gekost hebben dan een nieuwbouw … Dus werd geopteerd om een volledig nieuw gebouw achter het huidige café te bouwen. Eind 2007 mocht ik de plannen al eens inkijken en nu is het nieuwe Café Trappisten dus bijna klaar.

De plannen voor de nieuwbouw ...

De plannen voor de nieuwbouw ...

Vanaf eind oktober kan men er terecht voor een lekkere Dubbele van’t vat, een overheerlijke Tripel, of voor de specialiteit van’t huis, een Trip-Trap. Voor degenen die nog een relikwie uit het oer-Café Trappisten willen, op 7 oktober 2008 wordt de ganse inboedel verkocht voor het goede doel !

Een stukje inboedel ?

Een stukje inboedel ?

Gepubliceerd in:  on 27/09/2008 at 06:32 Reactie (1)
Tags: , ,