1 reactie

Tour des Trappistes Westvleteren-Westmalle deel 5

George Nelis heeft de nobele gedachte opgevat om zijn Tour des Trappistes te voet af te leggen. In regelmatige bijdragen vertelt hij zijn pelgrimstocht.

Tour des Trappistes deel 8 : van Westvleteren naar Westmalle

Vrijdag 2 september

Als enige gast word ik alleen wakker in de enorme hoeve, op de enige dag dat ik alleen loop deze 2 weken. Onder de douche probeer ik m’n voeten te sparen, want aldaar prijken inmiddels enige blaren en ondanks dat ze zorgvuldig zijn afgeplakt met Compeed, prikt het warme water. Het b(l)aart me toch wel enigszins zorgen, zo kort pas onderweg en nu al blaren. Wat is de oorzaak eigenlijk ? Ik bedoel, tijdens voorgaande wandelingen had ik nooit blaren ? En, heb ik wel genoeg Compeed ?

Tijdens het koninklijke ontbijt, aan een vorstelijke tafel met uitzicht op een groot groen gazon, ebt het zorgelijke gevoel weg, en maakt plaats voor zin. Zin om naar buiten te gaan, zin om alleen te zijn, zin om te genieten. De gastvrouwe, die een samenwerking met haar buren wel ziet zitten, en een verzorgd ontbijt helpen hierbij.

Het gras is nog nat, de patrijzen en fazanten schuchter, en de prei staat strak langs elkaar, als tulpen in een vaas. Slalommend word ik door het landschap gevoerd. Jonge aanplant kijkt vol bewondering op naar hun volwassen soortgenoten, die op hun beurt hun kroost beschermen en koesteren, als vaders en zonen.

Dan volgt het grauwe asfalt, links en rechts opgesierd door het groengele maïs. Dit gewas heeft inmiddels weinig geheimen  meer voor me. Na het dwarsen van de GR 129, prettig aangegeven door een wandelboom, volg ik vervolgens het spoor.

Is het nu saai ? Neen. Is het opwindend ? Spannend ? Ook neen. Hier moet je de sfeer, de gezelligheid, ook als je alleen bent, zelf maken, je verbazend over kleine zaken, zoals de wonderlijke vorm van een wilg, de weerspiegeling van de blauwe hemel in een plas, bizarre gehuchtnamen als Katteknok en het woeste uiterlijk van een schonkige stier, èèn bonk spieren te midden van zijn uitgebreide en tevreden harem.

Minder tevreden ben ik over de relatie tussen mijn voeten en m’n nieuwe wandelschoenen. Deze is dermate innig, dat de blaren er niet minder op worden. Hmm, af en toe denk ik meer aan de dagen die ik nog “moet” lopen dan aan de dagen die ik nog “mag” lopen.

Dan is daar het domein “Oude Leie”, een prachtig natuurgebied, ontstaan tijdens het in de 70-er jaren van de vorige eeuw rechttrekken van de Leie. Het pad gaat door gras en over plankiers, langs het water, dat op momenten aan het oog onttrokken is door dicht oevergewas. Een waar eldorado voor meerkoeten, futen, eenden en, natuurlijk, vissers, die aan het kabbelende water hun geduld leven en hun geluk beproeven.

Ik steek het Afleidingskanaal van de Leie over en beland in Deinze, een stad met een open karakter, ook al omdat de langgerekte markt een gapend gat is, als bij een hartoperatie. Winkeliers schreeuwen moord en brand over het vermoedde gebrek aan parkeerplaatsen na deze ingreep. Hoe lang zijn we nog veroordeeld tot ons inefficiënte vervoer door middel van auto’s ?

De zon schijnt fel, het broodje crabsla, met groentjes, smaakt en de vrachtwagenchauffeur leegt zijn blaas tegen het borsthoge wiel van zijn camion. Gewoon, midden op de markt , zonder een moment van aarzeling. Gewapend met nieuwe Compeed, 2 doosjes voor de zekerheid, volg ik de Leie weer enkele kilometers.

Bij een bankje met uitzicht op het pittoreske sas bij Leiehoek voegt een man zich bij me. Binnen de minuut weet ik dat zijn volledige prostaat 2 weken geleden verwijderd is, hij nog serieuze plas-problemen heeft en dat zijn dochter paard rijdt. Tijdens zijn uitbundige betoog in beeldend Vlaams krijg ik geen enkele gelegenheid er ook maar iets tussen te krijgen. Ik hoef alleen maar af en toe begripvol “Oh ?” en “Ja !” te zeggen. Hij vertelt.

Onze wegen scheiden en via het schilderachtig gelegen kasteel van Ooidonk en het dorp Bachte-Maria-Leerne, even een koel glas bier, kom ik in Deurle. Dit in 2008 tot het mooiste dorp van Oost-Vlaanderen verkozen dorp, herbergt naast een sfeervol centrum met als uit een filmdecor weggelopen knusse huisjes, ook het Wassenaar van België. Groter dan groot zijn de huizen, van architectonisch strak tot protserig, hoger dan hoog zijn de muren en de hekken die het felbegeerde bezit aan het oog moeten onttrekken. Dames van middelbare leeftijd, blonde lokken, het dak van de Porsche open, zodat ook de opzichtige Gucci zonnebril bewonderd kan worden.

Mijn voeten vragen al even om rust als ik bij onze overnachtinglocatie aanbel. Een zenuwachtig aardige vrouw doet open en brengt me naar een huisje in haar tuin. Nadat ook Arno gearriveerd is en na een niet te vermijden pintje in de keuken, worden we naar het centrum gebracht.

“Zal ik jullie even indekken ?”, vraagt de guitige serveerster. Als we vertellen dat indekken in het Ollands wat anders is, verexcuseert ze zich. Niet nodig, een aardige spontane meid.

De maaltijd is op en top Belgisch, met garnaalkroketten, een zalm-scampi salade en enkele Orvals. Mogelijk is dat de oorzaak dat we de terugweg wat minder efficiënt lopen dan heen. Een nachtelijke mist beheerst de straten als we bij onze B&B komen. Een gastvrije maar met ietwat dubbele tong uitgesproken uitnodiging voor een laatste pintje slaan we vriendelijk af.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Tekst & Foto’s : George Nelis

©2012 TrappistBier Beleven

Eén reactie op “Tour des Trappistes Westvleteren-Westmalle deel 5

  1. Beide grote flessen zijn tijdens ons weekend verkrijgbaar (Mont Des Cats & Chimay Cuvée Spéciale)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: